E.J.B. van Vught / Toernooispeler en Damproblemist

Eugenius Johannes Baptist van Vught zag het levenslicht op 21.04.1815 in Amsterdam en overleed aldaar 15 november 1901.
Hij huwde op 15.01.1840 in en met de uit Utrecht afkomstige Catharina Antonia Rietveld (1815-09.04.1845) en op 11.09.1845 in en met de uit Naarden afkomstige Christina Wilhelmina Mulder (1826-1884). De kinderen uit het eerste huwelijk, dochter en zoon, zijn kort na geboorte overleden. Van de vier dochters uit het tweede huwelijk bleken er twee sterk genoeg, en van de zeven zonen bereikten er vijf de volwassen leeftijd.
Van Vught was van beroep balansenmaker, net als zijn vader en grootvader. Vier zoons pakten ook dit beroep op, net als een kleinzoon. In 1882 gaat Van Vught failliet maar in 1887/88 heeft hij de zaken op orde en oefent zijn beroep weer uit[1].
We bekijken zijn dammersleven, bewaarde brieven en zijn composities.

[1] Meer lezen: Hoofdlijn, nr. 219 Mei 2018, blz. 25/30. ‘Een kleine en een grote vis’ door A. van Mourik.



image

De Zaanlander 11.12.1886


Dammersleven
Van Vught kan worden beschouwd als de inspirator en leermeester van Jack de Haas en van Isaac Presburg. C.H. Broekkamp gaf in 1920 postuum Van Vught’s ‘Handleiding voor het Dammen’ uit, maar is natuurlijk meer bekend om zijn toernooiwinsten, problemen en eindspelen, waarvan ‘David’, gecomponeerd rond 1850, nog steeds tot de verbeelding spreekt.

Hij publiceerde problemen en eindspelen in de ‘Zijper Courant’ (1886-1897) en ‘Wereldkroniek’ (1894) en was een trouw oplosser van de problemen die in deze bladen verschenen. Ook is zijn werk te vinden in diverse Franse bladen. Een groot aantal van zijn problemen en eindspelen gaf hij een naam .
Men vertelde over van Vught dat hij zo’n uithoudingsvermogen bezat, gepaard aan grote liefde voor het damspel, dat hij bij een gelegenheid 56 uren achtereen doorspeelde met eene ‘Dekker’ een hoogst bekwaam damspeler in Amsterdam[2]. Was regelmatig te gast bij M.M. Vos waar hij o.a. J. Groenteman, C.H. Broekkamp, J.M. Vos en Van der Woude trof[3].
Naast problemist was hij ook een uitmuntend partijspeler. Weliswaar leverde zijn deelname aan het internationale toernooi in 1886 te Amiëns een bescheiden 17e plaats op, maar in de diverse Nederlandse toernooien toonde hij zijn klasse. In 1878 en, op zeer hoge leeftijd, in 1893 en 1894 behaalde hij het officieuze Kampioenschap van Nederland. Won Gouda1877en Ridderkerk1877 en eindigde in andere toernooien bijna altijd in de top drie

[2] ‘De Damspeler’ – 1907, blz. 17,18 – C.H. Broekkamp
[3] Het Damspel – 1918, blz. 61

Toernooiresultaten:

Vught, E.J.B. van Amsterdam Nh ToernooiLandelijk Gouda Zh 1877 1  
Vught, E.J.B. van Amsterdam Nh ToernooiLandelijk Alblasserdam Zh 1877 2  
Vught, E.J.B. van Amsterdam Nh ToernooiLandelijk Ridderkerk Zh 1878 1  
Vught, E.J.B. van Amsterdam Nh ToernooiRegionaal Midden-Beemster Nh 1881 5 A
Vught, E.J.B. van Amsterdam Nh ToernooiLandelijk Tilburg Nb 1886 3 A
Vught, E.J.B. van Amsterdam Nh ToernooiLandelijk Rotterdam Zh 1893 1  
Vught, E.J.B. van Amsterdam Nh ToernooiLandelijk Rotterdam Zh 1894 1  


Verslagen en toernooitabellen zijn te vinden op website Hoofdlijn: Prijsdammen – 1870/1879; 1880/89 en 1890/89.

Het volgende verslagje ontbrak daar, tot voor kort, nog aan:
Zaanlandsch Nieuws- en Advertentieblad 19.10.1894:
De krasse heer E.J.B. van Vught, Warmoesstraat 3, te Amsterdam, heeft in den Rotterdamschen damwedstrijd den eersten prijs behaald. De heer van Vught heeft den respectabelen leeftijd van 80 jaar.

Heeft hij ooit de degens gekruist met Aris en Klaas de Heer? Zijn deelname aan de wedstrijden in Amsterdam 1844 behoort natuurlijk tot de mogelijkheden.

In Hoofdlijn nr. 219 valt te lezen dat C.H. Broekkamp in 1920 postuum Van Vught’s ‘Handleiding voor het Dammen’ uitgaf.

Uit ‘Het Handelsblad’ 10.08.1957 – redacteur Herman de Jongh


Van Vught heeft van 1815 tot 1901 geleefd. Jack de Haas, een der beroemdste dammers van voor
de tweede wereldoorlog, die in 1940 gestorven is, vertelde mij eens over zijn eerste ontmoeting met
de oude meester. Dat was in 1891. Van Vught was toen reeds zesenzeventig jaar, maar hij was nog
steeds de erkend sterkste dammer van Nederland. De Haas was zestien jaar en vrijwel nog
onbekend. “Ik zou erg graag eens een partij met u willen spelen, mijnheer”, zei De Haas. Van Vught
antwoordde eerst niet. Hij zette een schijf op veld 5 en één op veld 6, en een witte schijf op 23. Het
was “David en Goliath”.” Wit speelt en wint”, zei Van Vught. “Als je de winst vindt, zal ik met je
spelen”. De Haas heeft de winst gevonden en Van Vught heeft met hem gespeeld. Niet één partij,
maar een hele serie.”Hoelang hebt u naar de winst gezocht?”, vroeg ik De Haas. “Veertien dagen, zij
hij. “Bijna dag en nacht”.


Onderstaand een overzicht van de damactiviteiten van Van Vught door de jaren heen.
 

Vught, E.J.B. van LaHeve Probleem 752 1886
Vught, E.J.B. van Partij Speler Amiens 1886
Vught, E.J.B. van TheLeedsMercury Probleem 151,152 1886
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 10,11 1886
Vught, E.J.B. van KatholiekeIllustratie Probleem 8 1887
Vught, E.J.B. van LaGazetteduJeuDesDames Probleem 142,148,202,205 1887
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 12-19 1887
Vught, E.J.B. van LaGazetteduJeuDesDames Abonnee   1888
Vught, E.J.B. van LaGazetteduJeuDesDames Probleem ? 1888
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 20,21,22,24,25,26 1888
Vught, E.J.B. van Correspondentie C. Stams BriefVerzender   1889
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Probleem 28,29,30,32,34,35 1889
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 27-35 1889
Vught, E.J.B. van RevuedesJeux Probleem 34 1890
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Probleem 36,37,38,39,40,41 1890
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 36-41 1890
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 46, 51-59 1891
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 60,65,66,68,69,70 1892
Vught, E.J.B. van Correspondentie C. Stams BriefVerzender   1893
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 71-82 1893
Vught, E.J.B. van Correspondentie C. Stams BriefVerzender   1894
Vught, E.J.B. van ToernooiLokaal Organisatie Amsterdam1894 1894
Vught, E.J.B. van WereldKroniek Oplosser 2,3,4,5,8-18,20-26,28-35,38 1894
Vught, E.J.B. van WereldKroniek Probleem 6,19,27 1894
Vught, E.J.B. van WereldKroniek Correspondentie 6,9 1894
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 83-89, 91,92 1894
Vught, E.J.B. van GeillustreerdZondagsblad Probleem 26 1895
Vught, E.J.B. van GeillustreerdZondagsblad Oplosser 11,12,13,15,17,19,20,21,24 1895
Vught, E.J.B. van GeillustreerdZondagsblad Correspondentie   1895
Vught, E.J.B. van ZijperCourant Oplosser 93,95-100 1895



Brieven[4]
Van Van Vught zijn een aantal brieven bewaard gebleven welke allen, lichte twijfel bij de nrs. 2 en 3, geadresserd zijn aan Constant Stams. De aanleiding van de brieven 01/03 is niet bekend, de brieven 04/12 zijn geschreven naar aanleiding van de damrubriek in de ‘Wereldkroniek’ (1894[5]). In deze brieven staan problemen genoteerd bedoeld voor de rubriek, oplossingen van problemen uit de rubriek en hier en daar wat wetenswaardigheden. Op basis van de brieven kan ‘David’ weer met een gerust hart aan Van Vught worden toegeschreven.
De standen zijn in diagram toegevoegd, alleen de 1ste publikatie is genoemd. In de paragraaf ‘Standen’ is meer informatie te vinden over publicaties.

[4] Met zeer grote dank aan K.W. Kruijswijk die een kopie van elke brief en uitwerking beschikbaar stelde.
[5] De damrubrieken uit de 19e eeuw zijn ook terug te vinden op deze website.
 

01 22.05.1889 Vught, E.J.B. van Stams, C.
02 30.06.1889 Vught, E.J.B. van Stams, C. (?)
03 07.01.1893 Vught, E.J.B. van Stams, C. (?)
04 30.04.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.
05 07.05.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.
06 27.05.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.
07 02.07.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.
08 23.07.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.
09 06.08.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.
10 20.08.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.
11 12.11.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.
12 17.12.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.

 

 

 

01 22.05.1889 Vught, E.J.B. van Stams, C.

 

image 2    

Amst 22 Mei 89.
Voor den WelEdelen Heer Stams,

Studie van den Heer G. Beudin

Wit 3 schijven: 4.5.13
Zwart 2 schijven 28.34

Oplossing
 

Wit speelt     Zwart speelt
04   op 9   28 op 24  
09     14   34   29  
14     18   24   19  
05     10   29   25  
13     17   25   20  
17     22   20   15  
18     24   19   28  
10     19   28   23  
19     24 gewonnen, wit houdt 2 schijven over

Studie van E.J.B. v. Vught
Wit     1 schijf op 28
Zwart 2 schijven op 41 en 50
Wit speelt eerst en wint.

Al is david bitter klein
Toch zal hij de winner zijn

z.o.z.

     
image 3   Studie van E.J.B. v.Vught
De Speculant
Wit     2 schijven: 24.28 – 1 dam op 48
Zwart 2 schijven: 25.31
Wit speelt eerst en wint.

Studie van E.v.Vught
Wit 1 schijf: 7 – 2 dammen 2 en 25
Zw. 2 schijven 15.23
Wit speelt eerst en wint
Bezint eer men begint

Achtend, UED Dw. Dienaar
(w.g.) E.J.B. v. Vught

P.S. ik heb nog een aantal
problemen met alles eigen compositie
die nog nooit in het publiek
verschenen zijn.

 

Toelichting:
De aanleiding van deze brief is onbekend. De studie van Beudin verscheen waarschijnlijk in een Frans damblad.

Stams was natuurlijk bekend met ‘david’ aangezien deze al in Stuivers Magazijn 1878 en in The Leeds Mercury 1886 een plaatsje kreeg. Ook in latere brieven aan Stams komt van Vught op deze stand terug en geeft aan wanneer ‘david’ door hem gecreëerd is –> brief 02. De standen 3 en 4 zijn al eerder gepubliceerd -> zie onder.
De standen op diagram:

       
brief01 01   Diagram 1
1. 49-43A 23-29 2. 43-39B 19-24 3. 39-33C 29-34
4. 50-45 24-30 5. 38-32 30-35 6. 32-27 35-40
7. 33-29 34x23 8. 45x34 23-28 9. 34-29
A. ook 1. 38-33 19-24 2. 49-43 23-29 3. 43-38 etc. wint
B. ook 2. 38-32 wint: 29-34 3. 43-38 19-24 4. 32-28 34-40
5. 28-23 24-30 6. 38-33 30-35 7. 23-18 40-45
8. 18-12 35-40 9. 12-07 40-44 10. 50x39 45-50 11. 07-01
C. ook 4. 33-28 wint, bijv. 34-39 5. 28-23 24-30
6. 23-18 30-35 7. 18-12 35-40 8. 12-07 40-44 9. 07-02
     
David    
brief01 02   Diagram 2
1. 23-18 etc. Voor een complete uitwerking: zie ‘Standen’
1ste Publicatie: Stuivers Magazijn 1878, blz. 224
     
De Speculant    
brief01 03   Diagram 3
1. 03-17 30-35 2. 23-18 35-40 3. 17-33 16-21 4. 18-12 21-27
5. 12-07 27-32 6. 07-01 32-37 7. 29-23 37-41 8. 33-28
1. 03-17 30-35 2. 23-18 35-40 3. 17-33 16-21 4. 18-12 21-27
5. 12-07 40-45 6. 07-01 27-32 7. 01-06 32-37 8. 33-47 45-50 9. 29-23
1. 03-17 30-35 2. 23-18 35-40 3. 17-33 16-21 4. 18-12 21-27
5. 12-07 27-31 6. 07-01 40-44 7. 33x50 31-37 8. 50-33 37-41
9. 29-23 41-46 10. 33-28
Ook wint: 1. 03-17 30-35 2. 23-19 35-40 3. 17-33 16-21
4. 19-14 21-27 5. 14-10 27-32 6. 10-05 32-38 7. 33x47 40-44 8. 29-23

1ste Publicatie: La Hève 18.09.1886, no. 752
     
Bezint eer gij begint    
brief01 04   Diagram 4
1. 30-34 40x29 2. 47-41 28-33 3. 41-36 33-39 4. 36-18 29-34
5. 18x40 39-43 6. 42-38 43x32 7. 40-29 32-37 8. 29-47
1ste Publicatie: Revue des Jeux 23.05.1890, blz. 295 no.34

 

 

02 30.06.1889 Vught, E.J.B. van Stams, C. (?)

 

 


image 4


Amst: 30 Juni 89
Geachte Heer!

Hier onderstaand zend ik u Ued. de groote slag Q.P.G.[6].
Blancs 18 Pionnen en 1 dam op 7.8.9.10.17.19.20.21.23.28.31.32.34.39.41.42.49.50. dam 25.
N: 1 Pion op 30.
Blancs speelt eerst en na beurt gespeelt te hebben laat hij zijn 18 pionnen met zijn dam in eene slag slaan. Zooals Ued. Ziet heb ik dezelve op de witte ruiten genoteerd en heb ik hem genaamd de gogelaar.
Reeds in het Jaar 74 heb ik hem aan een zeker iemand in Amersfoort gegeven[7] die heeft hem toen in een boekje laten zette dat te Wijk bij Duurstede uit gegeven werd[8]. Hij is anders nog nimmer in het licht verschenen. Die zelfde mijnheer heeft van mij ook de Toverzet als meden de onovertroffen Non Plus ultra[9], het schoonste wat ik ooit op het gebied der damkunst gecomponeerd heb, alsmede nog verscheidene andere. Ik heb toen der tijd een massa problemen van hem opgelost.
 

[6] Q.P.G = Que perd gagne
[7] kan niemand anders zijn dan E.G. Dettmeijer
[8] Sissa, publicatie 1874, probleem 78, blz. 324; met verwisselde kleuren
[9] Onduidelijk over welke problemen het gaat. Ook in andere brieven aan Stams noemt van Vught de ‘Non Plus ultra’ maar stuurt de stand nimmer mee.


De Verwoesting
Blancs 20 pionnen op 6,7,8,9,10,16,17,18,19,20,26,27,28,29,36,37,38,39,46,47
Noir 20 Pionnen 1.2.3.4.5.11.12.13.14.15.21.22.23.24.31.32.33.34.41.42
Solution, men is niet gehouden als men 2 slaan moet om ze beiden te slaan men kan er slechts een slaan naar verkiezing.
Blanc, begint te slaan met 37 op 48, 46-37, 31-42, 48-37, 32-41, 22-31, 36-27, 13-31, 47-27, 33-42, 23-32, 27-38, 42-33, 16-23, 12-21, 27-16, 14-23, 39-19, 6-17, 2-11, 16-7, 1-21, 24-33, 3-12, 4-13, 15-24, 5-23, 26-19 de laatste slag van 7 pionnen, alle 7 zwarte schijven. Tableaux

Mijn zoon kwam indertijd met deze opgaaf van de akademie te Breda. Dat moest in 32 zetten uit zijn. Toen ben ik aan het corrigeren gegaan en heb ’t gemaakt (zooals uw ziet) op 23 zetten uit. Bovendien de laatste slag van 7 stuks die was er ook niet bij hunne opgaaf.

Nu het Q.P.G. spel. Met 3,4, of 10 pionnen af te geven forceert blancs aan noirs op 50 dam te halen. Nooit anders als 3,4 of 10 komt noirs in de Prison. Wat noirs ook tegen mag spelen om dat te ontwijken. Voor 3 in de Prison heeft U in mijn vorige brief ontvangen. Ook iets voor simpel 3 Pionnen, maar niets dat noirs van 5 af de lange lijn blijft spelen. ’t Was ook iets nieuws voor slechts 3 Pionnen. Ik heb het ook nog nooit van een ander gezien, het minste 4 Pionnen. Ik vatte in der tijd ’t plan op of dat niet minder kon als 4, hetgeen ik ook gevonden heb. En wat het meeste af te geven betreft, van de 13 à 14 spelen die ik heb van 20 pionnen tegen 1 Pion contra gefabriceerd heb is 16 Pionnen op een variërende manier af te geven. Men zoude bijna zeggen het is niet mogelijk. Zeer zeker is het ook niet, want noirs heeft na beurt gegaan te hebben3 ruiten daar hij naar keus op spelen kan. Speelt hij 2 verschillende van de 3 dan in ’t vervolg van spelen bepaald: zonder praten[10] de politiecel in op 50 en 45, maar spoedig gedwongen de vier schildwachten te slaan. Speelde noirs de middelste van de 3 keer ???  ??? bedoelde ruiten dan forceert blancs hem toch in de Prison op 50. Met behoud van 3 pionnen met de 4 schildwachten, dus dan 7 pionnen te zamen, welke blancs dan in eene slag laat slaan. Onder overige spellen komt er nog een voor van 4 pionnen af te geven in de prison. Blancs houdt alzoo 16 pionnen over laat die in 2 slagen slaan. Juist elke slag 8 pionnen is ook heel aardig. Ook nog naar 5 in de prison. Blancs houdt alzoo 15 pionnen over laat ze alle 15 in slag slaan. Men zou haast zeggen dat is onbegrijpelijk en toch is ’t zoo. De 11 pionnen met de 4 wachters worden als weggemaait in eene slag van het bord. Veritas.
Ommezijde heb ik ’t spel van 4 pionnen en van 10 pionnen af te geven en noirs in de prison is met de oplossing ter neergesteld, altijd nu op blancs ruiten genoteerd.

[10] Onduidelijk. ‘spreken’ is ook mogelijk.

B 34-30 40-34 24-29 29-24 24-19 40-45 30-25 25-20 35-30 30-25 25-20 40-34
N 05-10 10-14 14-19 19-23 23-14 14-19 19-24 24-15 15-20 20-24 24-15 15-20

B 31-27 34-29 29-24 36-31 33-28 39-33 44-39 50-44 39-34 43-39 44-40 49-44
N 20-24 24-30 30-19 19-23 23-29 29-34 34-40 40-45 45-50 50-45 45-50 50-45

B 27-22 34-30 33-29 28-22 38-33 42-38 48-43 41-37 47-42 46-41 wint
N 45-50 50-45 45-36 36-49 49-27 27-34 24-31 31-29 29-47 47-36

Met 10 pionnen af te geven heeft zwart dam op 50. Met de 27ste zet al de witte pionnen van het bord.

B 34-29 40-34 34-30 30-24 32-27 39-34 37-32 24-20 42-37 35-30 30-25 25-20
N 05-10 10-14 14-20 20-25 25-30 30-28 28-26 26-21 31-15 15-20 20-24 24-15

B 45-40 40-34 34-30 44-39 50-44 39-34 43-39 44-40 49-44 48-42 36-31 34-29
N 15-20 20-24 24-35 35-40 40-45 45-50 50-45 45-50 50-45 45-50 50-45 45-26

B 47-42 44-39 46-41 wint
N 26-48 48-47 47-36

Zooals ik u al geschreven heb dat zijn in de oude tijd altijd dammen haalden en de vier schildwachten lieten staan tot zij op hun plaats gesteld waren op numero 3,4,5,9,10 enz. affin, ja soms 10 dammen. Blancs speelde dan 1 pion op 7 en 18. Als noirs dan de beurt had op 45 te spelen, speelde blancs 34-29, noirs 45.4st.op 1, blancs 44-40, n. 1 op 45, blancs de verste dam een voor een af, altijd zorgdragend dat op de lijn 1 tot 45 bleef om te slaan. Maar zeer lang ???? was daar ging 80 keer van ’t begin af aan. Speelde mede ???? eerst uit was.

Onderstaande tekst bevindt zich op een half door midden gescheurd blad, op de keerzijde waarvan alleen onderstaande nog volledig zijn behouden:
Ook moet ik nog melden dat ik uw geëerde letteren in goede welstand ontvangen heb en ik ook begrepen heb dat er ook nog meerdere liefhebbers van het Q.P.G. spel zijn. Hier in Amsterdam komt dat zeer weinig voor. Het is wel 40 jaren geleden dat ik die problemen gemaakt heb en zoo u nu geizen zal hebben als u het naziet, dat de gevangen man weder uit de prison ontslagen wordt, want in de eerste plaats is toch de bedoeling van het spel die zijn pionnen kan laten slaan die wint. En ten tweeden ziet noirs niet vast op een ruit ingesloten maar hij kan van eeuwigheid tot zaligheid van 45 op 50 spelen, bovendien heeft noirs ook geen levenslange gevangenis. Ook zoude het een grote ???? kunnen geven ………..dat spel zouden spelen met de bedoeling die het eerste ……

Op de laatste bladzijde staan nog twee problemen:

Fin de parti de Pluimstrijker
Blancs 1 dam op 34
Noirs  4 pionnen 16.31.32.33
Blancs kan dit remise maken. Blancs speelt eerst.

Fin de parti de Heksluiter
Blancs 1 pion 22. 1 dam 4
Noirs  2 pionnen 21 et 24.
Pour blancs gagne. Blancs speelt eerst.

Met alle Hoogachting
Ued. Dienaar
(w.g.) E.J.B. van Vught


Toelichting en standen:
Brief blijkbaar naar aanleiding van vragen door Stams over het Qui Perd Gagne en bestaat uit totaal 6 kantjes. Het vermoedelijk 5e blad is danig verminkt en slechts de helft van de tekst is bewaard gebleven.

De 1ste alinea in deze brief maakt duidelijk hoe E.G. Dettmeijer aan de ‘david’ is gekomen en tot publicatie in ‘Stuivers Magazijn1878’ kon overgaan.

Van E.J.B. van Vught zijn 4 partijen ‘wie verliest wint’ opgenomen in het in 1907 verschenen damboek ‘De Damspeler’ van C.H. Broekkamp (blz. 304-308).

De Goochelaar      
brief02 01   Diagram 1:
1. 23-18 30-35 2. 34-29 35-40 3. 50-44 40-45 4. 49-43 45-50 5. 25-34 50-45 6. 44-40 45-50 7. 34-30 en de zwarte dam slaat over de witte stukken 39. 28. 17. 7. 8. 9. 10. 20. 19. 18. 31. 41. 42. 43. 40. D 30. 29. 32. 21.
Blancs speelt eerst en na beurt gespeelt te hebben laat hij zijn 18 pionnen met zijn dam in eene slag slaan.
1ste Publicatie: ‘Livre de Metz’ – 1801 no. 398: “maximum des pions qu’une dame peut prendre d’un seul trait”.
Qui Perd Gagne    
     
De Verwoesting    
brief02 02   Diagram 2:
Totaal onduidelijk hoe wit deze stand naar winst moet voeren. De oplossing in de brief geeft geen uitsluitsel.

FLITS kwam met de volgende mogelijkheid:
1. 37x48 14x25 2. 26x37 22x42 3. 48x37 33x31 4. 28x26 24x44 5. 18x49 03x23 6. 08x28 11x33 7. 26x08 01x03 8. 46x37 05x14 9. 06-01 W+
     
De Pluimstrijker    
brief02 03   Diagram 3:
In tegenstelling tot hetgeen van Vught beweerd, kan wit geen remise afdwingen.
     
De Heksluiter    
brief02 04   Diagram 4:
1. 22-17 21x12 2. 04-13 24-29 3. 13-09 29-33 4. 09-03 12-18 5. 03-09 18-23 6. 09-14 23-29 7. 14-20 29-34 8. 20x38 34-40 9. 38-33 40-45 10. 33-50
Ook 1. 04-13 24-29 2. 22-17 21x12 3. 13-09 etc. wint.

 

03 07.01.1893 Vught, E.J.B. van Stams, C. (?)


Amst, 7 Jan. 92[11]
Geachte Heer!.

Uw geëerde letteren heb ik l.l. week ontvangen en daaruit vernomen de aanbieding om te abonneren op een nieuw werk aangaande ’t damspel. Tot mijn spijt moet ik melden dat het voor mij niet aannemelijk is, gezien mijn hooge leeftijd, circa 78, te meer daar ik al sedert 4 jaar ziekelijk ben.

[11] Van Vught vergist zich, het is al 1893.
[12] Oude notatie. Stand: Z: 38, 43 – W: D3, D19, D31

Inliggend probleem is heel aardig, heeft zelfs iets geheimzinnigs in zich. Ik heb hetzelve opgelost, nogal breedvoerig.

Wit:   3 dammen 16.32 (m.z. 34) en 43[12]
Zwart:   2 schijven 8 en 13
     
N1.    
Wit sp.   Zwart sp.
20. 8-3 heeft dam
37. 3sl. op 21
1. 21sl -43
43-sl. dam en schijf en wint / zie keerzijde
     
N2.    
Wit sp.   Zwart sp.
34 op 20   8 op 4 heeft dam
43-32   13-7
16sl op 3   4-17
3-8   17 sl op 4
32-9   4 sl op 15
20 sl op 9 en wint
     
N3    
Wit sp.   Zwart sp.
34 op 20   8 op 4 dam
48-32   4-8
16-12   3-30
32-48   30 op 3.14.of 19
20-25   2 sl op 30
12-39   30 sl op 44
48 sl de dam en (schijf van zwart ?????)
     
N4    
Wit sp.   Zwart sp.
34-30   8 op 4 dam
43-32   4-8
16-12   8-19
32-18   13 sl op 24
12-4 (3)   24-18
4(3)sl 25   18-13
25 op 4(3)   en wint
     
N5    
Wit sp   Zw sp
34 op 20   8 op 4 dam
48-32   4-8
16-12   8-19
32-18   13 sl op 24
12-4(3)   19 op 10 of 30
in beide gevallen laat wit 20 slaan
op 15of25   10 of 30 slaat 1 dam van zwart
schijf 24 kan nog naar 18 spelen, wit met dam 245 op 9 en wint.
De laatste slag heeft wit met zijn dam 4 en wint op 25


Voor de variatie een klein zetje:
Wit 1 schijf op 28
Zwart 2 schijven 41 en 50.
Wit speelt eerst en wint. Meer dan 40 jaar geleden dat ik hetzelve gecomponeerd. Omdat hij zoo klein is heeft hij de naam van david. De ‘Non plus ultra’ zal ik u later wel eens toezenden.

Verder na Ued. Wederkeerig een voordeelig jaar 93 toegewenst te hebben, blijf ik met de meeste achting.

Ued. Dienaar
(w.g.) E.J.B. van Vught


Toelichting en standen:
Het in de 1ste alinea bedoelde blad is waarschijnlijk Le Jeu de Dames waarvan in het eerste nummer 15 juni 1893 uitkwam.

De stand is van diagram 1 staat op naam van Henri Lenormand (Les Tablettes du Chercheur van 01.06.1892, blz. 158, nr. 290). De naam van de auteur werd in de aflevering van 15.08.1892, blz. 242 onthuld.
 

brief03 01 Diagram 1
No. 1
1. 19-35 43-48 2. 35-08 (ook 35-39 wint) 48x26 3. 08-12 26x08 4. 03x49
No. 2
1. 19-35 43-49 2. 03-17 38-42 3. 31x48 49-32 4. 48-43 32x49 5. 17-44 49x40 6. 35x44
No. 3
1. 19-35 43-49 2. 03-17 49-43 3. 31-37 43-25 4. 17-03 25-43 5. 35-30 43x25 6. 37-14 25x09 7. 03x47
No. 4
1. 19-35 43-49 2. 03-17 49-43 3. 31-37 43-34 4. 17-33 38x29 5. 37-48 29-33 6. 48x30 33-38 7. 30-48
No. 5
1. 19-35 43-49 2. 03-17 49-43 3. 31-37 43-34 4. 17-33 38x29 5. 37-48 34-25 6. 35-30 25x34 7. 48x25 29-33 8. 25-43
   
David  
brief03 02 Diagram 2:
David.
1. 23-18 etc. Voor een complete uitwerking: zie ‘Standen’ 1ste Publicatie: Stuivers Magazijn 1878.

 

04 30.04.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.


Amst 30 April 94
Geachte Heer

Hiernevens zend ik UEd. 2 oplossingen uit de Wereldkroniek no. 2 en 3. damprobleem van den Heer J. Bourquin, Locle.

Wit speelt met   Zwart slaat met
12-17   23-32
4-15   8-17
15 slaat 19, 23, 27
en 17 op 4   32-27
4-17   20-15
17-4   27-23
4-20 en wint, zwart komt 1 zet te kort om dam te halen.
     
2D oplossing van dezelfde zet.
Wit 12-17   zwart 23-32
 ,,   4-15      ,,    20-9
 ,,   13-22 en wint.    
     
Oplossing damprobleem No. 3 van den heer C.G. Vervloet.
Wit speelt   Zwart
17 op 22   26-17
12-32   37-26
29-35   30-39
19-24   28-19
10-35   50-1
16-22   26-14
4-12   14-6
35-2 en wint    


In Dec. l.l. heeft UEd. Mij een boekje gezonden. Daar staan 8 zetten in, die ik alle heb opgelost. En in het boekje van 15 April daar staan er 12 in, die ik ook alle heb opgelost. Daar zijn mooie bij. In het laatst van de week zal ik ze UEd. alle 20 opgelost zenden. Inliggend zend ik UEd. de getekeende abonnementskaart. Nu volgen de 2 laatste problemen die ik gecomponeerd heb.

N1. Wit 15 schijven   2.3.4.5.6.8.12.13.14.17.19.20.21.30.31
  Zwart 12 schijven   10.23.27.28.29.32.35.38.39.41.43.45
    2 dammen    37.40
Wit speelt eerst en wint. Dezelve is genaamd de Crisis. Is pas 2 maanden oud.
         
N2 Wit 7 schijven   11.14.16.17.18.26.27
    2 dammen   9.28
  Zwart 7 schijven   37.39.41.42.44.46.47
    1 dam   45
Wit speelt eerst en wint. Is genaamd de Rekenaar en is nog geen 8 dagen oud.


Nog een kleintje. Wit 3 dammen 6.12.16. zwart 1 dam op 48. Wit speelt eerst en wint. Is genaamd ’t Klaverblaadje.

Het kan ook wel in de volgende week worden dat ik u de oplossingen zal zenden. Ik heb soms nogal ver-hindering. Gelieve s.v.p. de complimenten te doen van mij aan de Heeren Blankenaar en Vervloet, enz. enz.

Verblijf verder met alle achting uw Dienaar

(w.g.) E.J.B. van Vught


P.S. E.G.D. te A. zal raar opgekeken hebben van de woorden: “Wij zullen van uw aanbod geen gebruik maken.” Zeer goed op zijn nummer gezet, als ’t tenminste degene is die ik bedoel. Geen een keer heb ik hem op een damwedstrijd aangetroffen. Hij doet zich voor als componist.

Toelichting en standen:
Alleen abonnee’s van de Wereldkroniek mochten oplossingen en problemen inzenden, vandaar het abonne-ment van Van Vught. De komende briefnrs. 04 t.m. 12 hebben allen betrekking op de damrubriek in de Wereldkroniek. Van Vught stuurt oplossingen en nieuwe problemen in.

De ‘boekjes’ van C. Stams zijn verdwenen. Het is onduidelijk wie zich over een eventuele damnalatenschap van Van Vught ontfermt heeft. C.H. Broekkamp publiceerde in zijn boek ‘De damspeler’ een groot aantal standen die niet eerder het licht zagen. Heeft hij soms de beschikking over de standen Van Vught gekregen?

De in de P.S. aangehaalde E.G.D. te A. kan niemand anders zijn dan E.G. Dettmeijer, Amersfoort aan wie Stams in de damrubriek van de Wereldkroniek van 14 april 1894 het door Van Vught met instemming aangehaalde antwoord geeft.
 

WK no. 2 WK no. 3
brief04 01 brief04 02
Diagram 1 Diagram 2
   
De Crisis  
brief04 03 Diagram 3:
1. 26-21 17x26 2. 37-31 26x46 3. 50-44 28x37 4. 48-42 37x48
5. 35-30 24x35 6. 34-30 35x24 7. 44-40 45x34 8. 39x17 48x11
9. 16x09 14x03 10. 25x05 15x42 11. 47x38
N.B. 3. 49-44 wint op identieke wijze
   
De Rekenaar  
brief04 04 Diagram 4:
1. 21-17 12x21 2. 23-19 14x23 3. 33-29 23x43 4. 44-39 10x26
5. 39x48 21-27 6. 22x31 26x37 7. 48x04

1ste Publicatie: Wereldkroniek 12.05.1894.
Over de zetting van het probleem: zie brief nr. 05 en de Wereldkroniek van 12.05.1894
   
Het Klaverblaadje  
brief04 05 Diagram 5:
1. 37-19 03-25 2. 31-48 25-09 3. 41-36 09-20 4. 36-47 20-03
5. 47-20 03x25 6. 19-30 25x39 7. 48x25

1ste Publicatie: ‘Livre du Metz’ 1801, no. 383.
Dit is ‘Le trèfle savant’ of wel ‘Het geleerde klaverblaadje, waarvan het auteurschap is toegekend aan Lamontagne (1798).

 

05 07.05.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.


Amst, 7 mei 94
Geachte Heer!

De Wereldkroniek heb ik ontvangen waarin vermeld staat Weddenschaps-zet van den Heer Blonde (volgt stand). Wat nu eigenlijk de bedoeling is van het woord weddenschaps-zet begrijp ik niet. Zou het ook een partij zijn die gespeeld is die voor wit gewonnen werd of wel dat ’t remise is?. Ik voor mij neem best aan met de witte ’t spel of zet te winnen. De zet kan ook gecomponeerd zijn en is ook heel aardig. Ik heb dezelve ook al opgelost. Als het nu een uitdaging is volgens ’t woord weddenschap dan neem ik ’t gaarne aan. Gelieve mij dan zulks te melden de dag en uur waar de kampstrijd plaats zal hebben. Het kan wel briefkaart geschreven maar ik vind het beter met de onderlinge kennismaking. Als ik maar vernemen mag waar ik dan om spelen moet. Enfin, ik waag me er aan en is ook tevens nog een aardig uitstapje naar Rotterdam[13].

Nu wat over de Rekenaar[14]. U meldde mij dat u de dam 28 voor een schijf verwisseld hebt. Als op 28 een dam staat is ’t immers minder gemakkelijk voor de oplosser. Daar de dam 28 noodwendig afgegeven moet worden aarzelt men mee om die voor niets te laten slaan. Met een schijf geeft men daar minder om.

UEd. heeft nu nog van opgaven de Crisis de Politiek[15]. Een nieuwe zet in de maak zal de naam krijgen de Practicus, nog een de naam de Verleider, 2 aardige knapen.

UEd. Zal wel gezien hebben dat de weddenschaps-zet gemerkt is no. 3. Moet geloof ik zijn no. 5[16]

Alhier zal een damwedstrijd georganiseerd worden. Vanavond hoor ik de uitslag daarvan[17].

Intusschen Mijnheer blijf ik met hoogachting UEd. Dienaar

(w.g.) E.J.B. van Vught
 

[13] Stams antwoord in Wereldkroniek 12.05.1894. NB de geboortejaar van Blonde is 1740, niet 1750.
[14] Zie 30.04.1894 en Wereldkroniek 12.05.1894 met antwoord van Stams op deze brief
[15] Zie brief 30.04.1894 voor de Crisis. De Politiek zien we pas in brief van 23.07.1894 verschijnen.
[16] Een terecht opmerking. Zie Wereldkroniek 12.05.1894
[17] Uitslag gepubliceerd in Wereldkroniek 02.06.1894.


Toelichting en stand:
Zie voetnoten.
 

WK no. 5 / Weddenschaps-zet.  
brief05 01 Diagram 1:
1. 43-38 42x33 2. 24-20 15x24 3. 30x08 02x13 4. 21-17 22x11 5. 49-16 11-17 6. 16-02 18-22 7. 02x38 22-28 8. 35-30 05-10 9. 30-24 10-14 10. 38-49 28-33 11. 49-43 17-22 12. 43-16 33-39 13. 16-11 22-27 14. 11x50 27-32 15. 50-33 32-37 16. 33-47

 

06 27.05.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.

image 5

image 6

Amst 27 mei 1894
Geachte Heer!

Uw briefkaart van 25 dezer heb ik ontvangen alsmede gisterenavond de Wereldkroniek no. 8. No. 7 heb ik tot heden toe nog niet ontvangen. De geheele week heb ik daarna uitgezien. Als ik dezelve ontvangen had dan had ik u dadelijk geschreven met de oplossing no. 5, weddenschapszet. Ook vernam ik niets van de no. 4 die ik u gezonden heb. Vermoedelijk staan dezelve in no. 7 WK. Gaarne had ik dat u het bewuste no. 7 belieft te zenden.

De oplossing van de rekenaar no. 6 is als volgt[18]:

W    Z
26-32   37-26
28-34   39-28
18-24   28-8
9-14   45-21
14-03   26-22
27-16   21-12
3-49   en wint als zwart nu zijn beste speelt
    dan moet wit goed spelen anders wordt ’t remise.
     
De no. 8 heb ik nu maar meteen opgelost (geeft de stand):
W   Z
16-22   43-2
34-38   24-7
38-18 en wint[19]
     
En nu ontvangt UEd. 3 problemen.
No. 1   De Speculant.
Wit   2 s 24.28 1 dam 48
Zwart   2 s 25.31
Wit speelt en wint.
     
No. 2   De Slimmerd.
Wit   5 s 22.24.34.35.44
Zwart   2 s 31.50 1 dam 12.
Wit speelt en wint.
     
No. 3   De Grappemaker
Wit   11 s 2.4.6.7.8.9.14.15.18.25.30
Zwart   4 s 28.34.36.39 3 dammen 16.26.37.
Wit speelt eerst en wint.
Als u ’t beter vindt zonder benaming te plaatsen is ’t mij ook goed.
     


Ook hier nog bijgevoegd de gehouden damwedstrijd[20]. De heer Broekkamp (??) met 21 ½ punten, Willers 2 pr met 19 ½, Cohen 3pr 19 punten[21]. De eerste prijs was een net dambord met schijven, 2de prijs: 1 stel prachtige schaakstukken, 3,4,5,6 p: boekwerken. Inliggend vindt UEd. de geheele damwedstrijd van het begin tot het einde in de courant vermeld. Ik moet Ed. nog melden dat ik weinig animo had om mee te spelen. Daarbij was ik ook niet goed in orde. En dan zich te verbinden 5 dagen. Staat wel in de courant van 14 tot 18 Mei, tweede Pinksterdag, dat is natuurlijk maandag 14, Dinsdag 15, Woensdag 16, Donderdag 17, Vrijdag 18, dus 5 dagen. Daar keek ik wel eens tegen op.

Met de meeste achting
UEd. dw. dienaar
(w.g.) E.J.B. van Vught

[18]Voor de stand zie 30.04.1894
[19]In handschrift van C. Stams staat: accoord
[20]De nrs. 1,2,3 worden niet genoemd in de brief van Van Vught.
[21]Zie ook Wereldkroniek 02.06.1894

Toelichting en standen:
De uitslag van het toernooi staat maar voor de helft in de brief. A.d.h.v. de krantenverslagen heeft Stams de eindstand opgemaakt.

WK no. 6 WK no. 8
brief06 01 brief06 02
Diagram 1 Diagram 2
   
De Speculant  
brief06 03 Diagram 3:
Zie ook brief nr. 01
1ste Publicatie: ‘La Hève’, 18.09.1886.
   
De Slimmerd  
brief06 04 Diagram 4:
1. 19-14 37x10 2. 09-04 10-15A 3. 29-24 05-10B 4. 04-09 10-14C
5. 09-03 14x25 6. 03-26 15x21 7. 26x08
A. 2. … 16-21 3. 27x16 10-15 4. 29-24 05-10 5. 04-27 10-14
6. 20x09 15x21 7. 16x27
B. 3. … 16-21 4. 27x16 05-10 5. 04-27 10-14 6. 20x09 15x21 7. 16x27
C. 4. … 16-21 5. 27x16 10-14 6. 09-36 14x25 7. 36-47 15x29 8. 47x24
1ste Publicatie: ‘De damspeler’ van C.H. Broekkamp, 1907,
blz. 260 no. 12 en blz. 291 no. 19
   
De Grappenmaker  
brief06 05 Diagram 5:
1. 40-34 31x48 2. 47-42 48x46 3. 34-29 23x34 4. 33-28 46x23
5. 43-38 34x32 6. 25-20 14x34 7. 44-39 34x43 8. 49x29
De zetten 2 en 3 zijn verwisselbaar.
1ste Publicatie: onbekend

 

07 02.07.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.


Amst, 2 Juli 94.
Geachte Heer!

De oplossing van probleem 12 is als volgt:

V1       V2    
Wit speelt   Zwart speelt     Wit speelt   Zwart speelt
12-34   30-48   12-34   30-48
7-21   48-30   7-21   48-35
21-3   30-48   6-2   35-30
3-30   48 op 37,32,26 of 21   21-3   30-44 of 48
34-43   Z slaat op 43   2-35   Z slaat op 30
11-44   48-39   34-25   30-19,14 of 8
30-44   en wint   3-25   en wint
             
V3       V4    
12-34   30-44   12-34   30-48
6-11   44-30   7-21   48-44
7-3   30-35   6-11   44-35 of 30
11-2   35-44 of 48   11-44   Z slaat op 48
2-35   Z slaat op 30   34-43   48 slaat
34-25   Z 30 slaat   21 slaat zwart en wint.
3-25 en wint        


V5. Als wit 12 op 34 gezet heeft dan ziet zwart wel dat hij niet op de lijn 8,14 of 19 kan spelen. Wit liet dan zijn dam 7 slaan, z moet dan 2 dammen slaan , w sloeg dan de zwarte dam enz. Speelde z 30 op 3, wit 34, 45. Zwart slaat 2 dammen op 1 of 50. Wit speelt zijn laatste dam in de overhoek van zwart en wint.

Voor het overige ziet men dat men altijd spelen moet op de overhoek van zwart. Alzoo loopt ’t vanzelf uit. Ook moet men bij ’t begin niet anders spelen 12 op 34. Dit is de grondslag voor winst voor wit. Andere zetten die er op zijn, zijn veel te eenvoudig om er melding van te maken.

P.S. Ik twijfel of ik UEd. de oplossing van no. 11 al gezonden heb. Ik laat dezelve nog eens volgen.

Wit 33-42    Zwart 47-36
  38-43     48-37
  28-33     37-28
  34-41     50-10
  41-46 en wint.


Bij dezen volgen 4 nieuwe problemen, met name ’t gevaarlijke drietal.

No. 1 Wit 1 dam 9, 2 schijven 6.7.
Zwart 3 schijven 19.29.34.
Wit speelt en wint.
   
No. 2 De Verleider
Wit 13 s. 1.2.4.5.8.11.13.17.18.22.24.26
Zwart 10 s. 21.25.28.30.32.33.35.37.40.49. 2 dammen 29.43
Wit speelt en wint.
   
No. 3 Kampstrijd tusschen de Duitschers en de Franschen of Napoleon te Sedan. De sabel van papa.
Wit 15 s. 5,6,7,8,9,10,11,13,15,19,24,26,29,30,36. 2 d 1,2
Zwart 9 s. 18,27,33,37,39,41,43,47,48. 4 d. 40.45.49,50
De zwarte dam 50 is Napoleon. In het laatste van de zet geeft hij zijn dam weg, de sabel van papa. De dappere MacMahon 45 is al wel Lotharingen en de Elzas door: 40 en 49 zijn ook veroverd. De laffe generaal Bazaine is ook al verdwenen. Wit speelt en wint.
   
No. 4 De Studioos of de dubbele constructie
Wit 2 s 13.21. 1 dam 2
Zwart 5 s 22.27.32.49.50.
Wit speelt en wint. Maar een geoefend speler kan het met zwart remise maken. Maar hij moet sterk weten te spelen. Dit probleempje is heel aardig om te bespelen en is nog geen 14 dagen oud.


Verder met alle achting UEd. Dienaar
(w.g.) E.J.B. van Vught


Toelichting en standen:

WK no. 11 WK no. 12
brief07 01 brief07 02
Diagram 1 Diagram 2
   
brief07 03 Diagram 3
1. 41-36 24-30 2. 42-38 30-35 3. 44-50 35-40 4. 38-32 19-23A 5. 32-27 40-45 6. 50-06 34-40 7. 06-50 23-29 8. 50-06 29-34 9. 06-50 40-44 10. 50x25 45-50 11. 25-39 50x31 12. 36x27
A. 4. … 34-39 5. 50x14 40-44 6. 32-27 44-49 7. 14-32 49-35 8. 32-19 35x31 9. 36x27
De zetten 1,2 en 4 van wit kunnen worden verwisseld.
Dit eindspel heeft van Vught in zijn brief van 12 november 1894
nog eens onder de aandacht van Stams gebracht.
1ste Publicatie: onbekend
   
De Verleider  
brief07 04

brief07 04a
Diagram 4
Van Vught geeft aan dat de witte stand 13 schijven telt, maar in de cijferstand zijn er maar 12 te vinden. Het bijplaatsen van een schijf op 37 doet wonderen – diagram 4A:
1. 36-31 23x34 2. 43-39 34x43 3. 33-29 24x42 4. 37x39 26x28 5. 49-44 17x26 6. 39-34 30x39 7. 44x02. Ook een schijf op resp. 39 en 44 winnen, maar dat is wel erg plat door resp. 1. 36-31 etc. en 1. 44-39, 2. 36-31 etc.
 
   
Duitsland-Frankrijk  
brief07 05 Diagram 5
1. 21-17 12x21 2. 44-39 33x35 3. 42-37 06x17 4. 37-32 10x37 5. 41x32 05x41 6. 46x07 02x11 7. 24-19 15x42 8. 47x27 04x31 9. 36x27 Dit schijnt toch echt de enige oplossing te zijn.
   
De Studioos  
brief07 06 Diagram 6
Winst is inderdaad uitgesloten: 1. 47-41 04-10 2. 41-36 10-15 3. 36-41 15-20 4. 41-19 05-10 anders 19-13 5. 19x05 20-24 6. 05-32 27-31 7. 26x37 24-29 8. 32-19 29-34 9. 19-35 34-39 10. 38-33 39x28 11. 35-49 28-33 12. 49-44 33-38 13. 44-49 maar zwart speelt 4. … 17-21 5. 26x28 27-31 6. 28-22 31-36 7. 19-28 20-24 8. 22-17 24-30 9. 17-12 30-34 10. 12-07 en nu niet 34-40? Wegens 11. 07-01! Winst wit, maar 10. … 34-39 met remise.
Van Vught heeft zelf geen uitwerking aangegeven. Ook in de brief van 06.08.1894 brengt van Vught dit eindspel onder de aandacht van Stams.

 

08 23.07.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.


Amst 23 Juli 94
Geachte Heer!

De oplossing van probl no. 15 is als volgt:

Wit    Zwart
21-26   43-21
17-23   44-11
23-27   11-15
10-19   21-25
30-19 en wint.
     
2de oplossing:
Wit   Zwart
21-26   44-11
17-22   43-25
30-19   11-15
10-19 en wint.


Het slaan kan nog een andere loop hebben maar na 1 komt altijd met zijn schijf 10 of 30 op 19 te staan. Wit wint dus op alle manieren, zwart moet 3 schijven afgeven.

Hiernevens nog de oplossing van no. 16

Wit    Zwart
Dam 3-30   35-29
30-44   33-28
44-38   29-24
38-44   28-23
44-39   23-13
39-35   24-19
35-15   19-15
13-18   15-10
12-5 en wint.


Al het andere dat gespeeld kan worden komt op hetzelfde uit: wit op 5 en zwart op 10 ingesloten.

Bij deze 2 problemen die heel aardig zijn met oplossingen:

     De Politiek
Zwart   1 dam 31 en 8 schijven 29.36.37.42.44.47.48.49
Wit   12 schijven 9.15.16.17.18.19.21.22.25.28.33.34
Wit speelt en wint.
Oplossing:
Wit speelt   zwart slaat
22-27   31-24
34-38   29-20
9-14   20-18
21-26   24-10
26-32   37-26
16-22   26-17
27-32   36-27
33-24   44-33
28-46   10-28
46- slaat de zwarte dam en wint.
     
    De Grappemaker
Zwart   3 dammen 16.26.37 en 4 schijven 28.34.36.39.
Wit   11 schijven 2.4.6.7.8.9.14.15.18.25.30
Wit speelt en wint.
Oplossing:
Wit speelt   z slaat
15-19   16-3
19-24   28-19
18-23   1-28
8-13   19-17
30-35   39-19
9-14   19-8
4-24 en wint.


Later zal ik de Speculant, de Heksluiter en de wereldberoemde david zenden met de oplossingen.

Verblijf verder met de meeste achting UEd. Dienaar
(w.g.) E.J.B. van Vught



Toelichting en standen:

WK no. 15 WK no. 16
brief08 01 brief08 02
Diagram 1 Diagram 2
   
De Politiek  
brief08 03 Diagram 3:
1. 27-22 16x29 2. 19-13 24x35 3. 44-39 35x33 4. 26-21 29x45
5. 21-17 12x21 6. 31-27 21x32 7. 22-17 11x22 8. 18x29 09x18
9. 23x01 45x23 10. 01x45
1ste Publicatie: ‘La Gazette du Jue de Dames’, blz. 159, no. 142
   
De Grappenmaker  
brief08 04 Diagram 4:
1. 40-34 31x48 2. 47-42 48x46 3. 34-29 23x34 4. 33-28 46x23
5. 43-38 34x32 6. 25-20 14x34 7. 44-39 34x43 8. 49x29
Deze stand kwam ook al voor in brief 27.05.1894.

 

09 06.08.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.


Amst, 6 Aug 94.
Geachte Heer!

De oplossing probleem no. 18 Wk is als volgt:

V1                
Wit 8-4 13-8 4-20 8-4 4-31 en wint 20-15 5-14 4-47+
Zwart 15-10 20-47 47-31 31-47 speelde zwart 31-42 10-19 19-8  
                 
V2                
Wit 8-4 5-14            
Zwart 15-9 20-47 20-47 of 43.38-34.
Wit laat 2 dammen slaan op 8. Wit 4-19 en wint.
       
V3      
Wit 8-4 4-20 5-10 10-42 13-31 en wint      
Zwart 20-47 47-42 42-36 36-47        


Probleem 16, wit 1 dam op 3 zwart 2 schijven 33 en 35, is heel aardig. Ook waarover geschreven is in de Kroniek no. 18. maar zou UEd. niet zeggen dat de onderstaande ook mooi is en moeilijk is om voor wit te winnen? Hier is dezelve en is genaamd david[22].

Wit     1 schijf op 28
Zwart 2 schijven 41 en 50

Wit speelt en wint. De kleinste zet die gemaakt kan worden met zulke verre afstanden. 50 jaren is het wel geleden dat ik hem gecomponeerd heb.

Ook nog een spel: de Studioos. Voor tijdpassering.
Wit     2 schijven 13 en 21. 1 dam 2.
Zwart 5 schijven 22.27.32.49 en 50.
Wit speelt en wint, maar moet goed letten.

Op het oogenblik ontvang ik een briefkaart van den Heer Baudet te Utrecht. Hij gaat naar Parijs voor het concours 12, 13, 14 en 15 Augs. Hij zou het aangenaam vinden als ik met hem mede ging. Maar ik heb geen animo.

Na vriendelijke groet blijf ik met alle achting UEd. Dienaar.

(w.g.) E.J.B. van Vught

[22] Van Vught blijft consequent david zonder hoofdletter schrijven

Toelichting en standen:
Voor de 3e maal stuurt van Vught ‘david’ naar Stams. Het compositiejaar zal zo rond 1850 gelegen hebben. De Studioos gaat voor de 2e maal naar Stams. In brief 02.07.1894, schrijft hij nog: ‘Maar een geoefend speler kan het met zwart remise maken’. Nu blijft deze toelichting achterwege.
H.H. Baudet nam als enige Nederlandse speler deel aan het concours te Parijs en behaalde in een deelnemersveld van 15 spelers een 14e plaats.

WK no. 18  
brief09 01  
Diagram 1  
   
david  
brief09 02 Diagram 2
zie ‘Standen’ en ook brief 22.05,1889 en 07.01.1893
   
De Studioos  
brief09 03 Diagram 3
zie brief 02.07.1894

 

10 20.08.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.


Amst, 20 Augs 94.
Geachte Heer!

De oplossing no.20 Wk is als volgt:

Wit speelt    Zwart slaat met
41-46   d. 47-31
8-13   17-8
46-33   28-37
19-17   31-13
d.5-2   8-3
15-19 en wint   3-12
2-7   12-3
25-30   3-25
30-19 en wint    
     
2de oplossing    
Wit   speelt d 5-10, 15-20, 5-13 en moet het winnen
Zwart   slaat 47-31, 24-15 wat moet zwart nu met zijn wanhopige positie beginnen?

't Was dunkt mij het beste in de eerstvolgende Wk aan de damoplossers te melden dat er 2 oplossingen van nommer 20 zijn, dan is dat kleine foutje hersteld. Het is jammer van de probleem, want het is inderdaad zeer mooi.
Bij deze gelegenheid zend ik Ued. een paar problemen.

          De Promenade
Zwart    2 dammen 22.32. 8 s 26.34.36.37.43.48.49.50
Wit   1 dam 39. 11 s 2.3.5.10.12.18.19.23.28.35.40
Wit speelt eerst en wint. Oplossing
Wit   19-24, 3-8, 10-15, 28-34, 12-16, 2-6, 35-39, 24-29, 40-47, 47-42 en wint.
Zwart   34-45, 22-4, 4-20, 20-38, 38-11, 11-2. 45-34, 2-35, 32-18  
                       
          De Speculant
Zwart   2 s 20.31
Wit   1 dam 48. 2 s 24.34

Wit speelt eerst en wint.

Na vriendelijke groet blijf ik Ued. Dienaar
(w.g.) E.J.B. van Vught


Toelichting en standen:
In de WK van 25.08.1894 corrigeert Stams de stand van probleem 20 en plaats de dam 50 naar veld 44.

WK no. 20    
brief10 01    
Diagram 1    
     
De Promenade    
brief10 02   Diagram 2
1. 34-29 19x10 2. 48-43 27x49 3. 45-40 49x35 4. 23-19 35x13 5. 20-14 10x19 6. 37-31 13x36 7. 47-41 36x47 8. 29-24 47x20 9. 15x02 17x44 10. 02x07
     
De Speculant    
brief10 03   Diagram 3
Ook in brieven 22.05.1889, 27.05.1894. Eindspel reeds in 1886 gepubliceerd in La Hève 18.09.1886, no. 752. Is schijf 34 een verschrijving? De winst is dan tamelijk eenvoudig.

 

11 12.11.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.


Amst, 12 Nov 94.
Geachte Heer,

Oplossing probleem 31 is als volgt:

wit 33-27, 21-26, 39-44, 44-49, 49-40 en wint.
zwart 13-7, 7-2, 2-40, 40-2  
           
2de oplossing:
wit 33-27, 21-26, 39-44, 44-48, 48-20 en wint.
zwart 13-7, 7-3, 3-30, 30-3  


Men ziet dat zwart met zijn dam niet los kan gaan, want dan gaat wit met zijn dam op 11 of 49, zwart slaat met 31 op 22, wit slaat met zijn dam de schijf 22 en de zwarte dam. Ook kan de zwarte dam niet achter de schijf 26 loopen, ook niet achter de witte dam op 11. in beide gevallen wordt de zwarte dam teruggeslagen.

Nu het probleem dat de Hr. W. Vijn te Hoogwoud bestudeerd heeft, no. 29, maar met remise eindigt:

wit 22-26, 2-6, 14-19, 19-50, 4-9, 50-17
zwart 31-11, 11-24, 33-22, 30-19, 15-13, 22-16

Wit moet 6 schijven slaan: 13.19.35.38.37.36 tot op 31. meer kan hij niet slaan. Nu gaat de zwarte schijf 16 heel kalm op zijn pantoffeltjes op 12, wit 31 op 13, z 12 op 6, w 13 op 17, zwart 6 op 2, heeft dam en is remise.

De jonge Heer Izak de Haas zie ik ook al bij de Heeren oplossers. Ik dacht niet dat hij ook abonnee was[23].

Tot besluit een klein zetje.
Wit     2 schijven 6.7. 1 dam 9
Zwart 3 schijven 19.25.34.
Wit speelt en wint. Ze ziet plezierig om te bespelen. Het is de laatste die ik gecomponeerd heb.
 

Na vriendelijke groet,
UEd. Dw. Dienaar
(w.g.) E.J.B. van Vught

[23] Alleen abonnee’s van de Wereldkroniek mochten oplossingen en problemen inzenden.

Toelichting en standen:
De bestudeerde stand door W. Vijn, no. 29, is echter winst voor wit, zoals duidelijk te lezen valt in WK 10.11.1894. Het lijkt erop dat Vijn en/of van Vught een zwarte schijf op een ander veld hebben geplaatst.

In de brieven 11 en 12 wordt met geen woord gerept over het toernooi in Rotterdam dat, opnieuw, glansrijk door Van Vught werd gewonnen
 

WK no. 29 WK no. 30
brief11 01 brief11 02
Diagram 1 Diagram 2
   
brief11 03 Diagram 3:
al eerder opgenomen in brief 02.07.1894.

 

12 17.12.1894 Vught, E.J.B. van Stams, C.

image 7
image 8

Amst, 17 Dec 94
Geachte Heer!

Oplossing probleem no. 36 is als volgt:

wit 32-36, 34-38, 24-29, 17-28, 22-27, 12-16, 13-17
zwart 41-32, 43-34, 34-23, 33-24, 31-33, 11-22, 22-13

wit 7-47 en wint verder gemakkelijk.

Oplossing probleem no. 33a:
wit     dam 26, schijf 5.
zwart schijven 20.24.36
 

wit 26-13, 13-8, 8-13, 13-4, 4-22, 22-38, 38-20 en wint
zwart 24-19, 19-15, 15-10, 36-32, 32-27, 20-15  

 

wit 26-13, 13-8, 8-13, 13-24, 24-10, 10-24, 24-10
zwart 24-19, 19-15, 36-22, 22-27, 27-23, 20-15, waar zwart ook speelt wit wint.

Speelde zwart niet met 36 op 32 maar wel 36-31 dan speelt wit toch 8 op 24 het altijd op de beurt uit. Er zijn nog meer oplossingen op te maken, maar de witte zet 13 op 24 die speelt de mooiste rol.
Daar ik gelezen heb in de kroniek dat de damrubriek met 1894 niet verschijnt, dat wel spijtig is[24].
 

De Speculant[25]

Voor de Heeren oplossers heel aardig:
Zwart 2 schijven 20 en 31.
Wit     1 dam 48 en 2 schijven 24 en 34.
Wit speelt en wint.

De winst ligt niet erg in ‘t gezicht
Maar met ’t einde komt ’t aan de dag
Wat in de Speculant verborgen lag.

Ze wel ter plaatsing waard.

Hartelijke groet,

Met alle achting UEd. Dienaar
(w.g.) E.J.B. van Vught

[24] Wereldkroniek 15.12.1894
[25] In het handschrift van C. Stams staat: ‘Zeer mooi’

Toelichting en standen:
De laatste brief van Van Vught die in de nalatenschap van C. Stams bewaard gebleven is. Waarom Stams wel deze brieven bewaarde en niet die van andere oplossers is niet duidelijk. Ging het Stams misschien om de problemen die Van Vught toezond?

WK no. 36 WK no. 33a
brief12 01 brief12 02
Diagram 1 Diagram 2
   
De Speculant  
brief12 03 Diagram 3:
ook in brieven 22.05.1889, 27.05.1894 en 20.08.1894. Eindspel al in 1886 gepubliceerd in La Hève 18.09.1886, no. 752. Is schijf 34 een verschrijving? De winst is dan tamelijk eenvoudig.
   


Standen: Problemen en eindspelen [26]

Door de jaren heen is het aantal standen van Van Vught flink toegenomen. Met name in de ‘Zijper Courant’ , damrubriek 1886/1897, zijn een groot aantal standen te vinden. Hierdoor vervalt voor een aantal standen in ‘De Damspeler’ van C.H. Broekkamp de claim van 1ste publicatie. Onderstaand zijn alle standen van Van Vught bijeen gebracht, chronologisch geordend en voorzien van alle relevante data van 1ste, 2e en eventueel 3e publicatie (afgesloten 1907) Van Vught heeft ook een aantal partijen ‘qui perd gagne’ nagelaten, deze zijn te vinden in ‘De Damspeler’. Broekkamp spreekt over 14 partijen maar toont er vier. Deze vier partijen zijn ook opgenomen. Toch blijft het aantal 1ste publicaties in ‘De Damspeler’ hoog en doet vermoeden dat na het overlijden van Van Vught zijn dammateriaal bij Broekkamp terecht gekomen is.

[26] Op Toernooibase zijn een aantal composities na te spelen
 

pro 01

 pro 02

01.
1ste publicatie Sissa 00.00.1874 blz. 324, probleem 78.
Dettmeijer plaatst de stand zonder inleiding ‘qui perd gagne’ en winst voor wit. Zie ook 11.
2e publicatie De Amsterdammer 07.03.1909
Opmerkelijk is dat nog nimmer een stand is ontworpen kunnen worden, waarin het mogelijk is alle 20 schijven gelijktijdig te slaan. De beroemde Van Vught heeft hoogstwaarschijnlijk hierin wel de uiterste grens bereikt, en ons een stand nagelaten waarin 19 schijven in één slag geslagen worden.
Sterk verwant aan nr. 11, hier zonder inleiding en niet als Qui perd gagne.
   
pro 02

02.
1ste publicatie Stuivers Magazijn 00.04.1878
Ingezonden door E.G. Dettmeijer die de stand in 1874 van Van Vught overschreef. Zie hiervoor brief 30.06.1889. In brief 22.05.1889 rijmt Van Vught:
Al is David bitter klein
Toch zal hij de winner zijn.
Hij herhaalt de stand in brief 07.01.1893 en 06.08.1894.
Onduidelijk is wie de term ‘David en Goliath’ introduceerde.
2e publicatie The Leeds Mercury 04.09.1886, nr. 151
Door de publicatie in 1878 is de stand geen verdieping van probleem V. Nicod, The Leeds Mercury 01.03.1884, no. 37
3e publicatie Brief 22.05.1889 David
4e publicatie Brief 07.01.1893 David
5e publicatie Brief 06.08.1894 David
6e publicatie De Damspeler 1907 Nr. 7, blz. 288 David
Oplossing:
A. 1. 23-18 06-11 2. 18-12 11-16A1 3. 12-07 (ook 12-08 wint) 3. … 16-21A2 4. 07-01 21-27A3 5. 01-23
 

A1. 2. … 05-10 3. 12-08 10-14A1a;b;c 4. 08-03 14-19 5. 03-08 19-23 6. 08-24 11-16A1d 7. 24-38 23-28 8. 38-49 28-33 9. 49-43 16-21 10. 43x16 33-39 11. 16-49

A1a. 3. … 11-17 4. 08-02 10-14A1a1;b 5. 02-08 17-22 6. 08-03 14-19 7. 03-09 22-28 8. 09-04 28-33 9. 04-10 19-24 10. 10-15 24-29 11. 15-20 29-34 12. 20x38 34-40 13. 38-33 40-45 14. 33-50

A1a1. 4. … 17-22 5. 02-19 10-15 6. 19-13 22-28 7. 13-24 28-32 8. 24-42 15-20 9. 42x15 32-37 10. 15-47
A1ab. 4. … 17-21 5. 02-19 10-15 6. 19-32 21-26 7. 32-37 15-20 8. 37-42 20-25 9. 42-48

A1b. 3. … 11-16 4. 08-03 10-15 5. 03-25 16-21 6. 25-43 21-26 7. 43-48 15-20 8. 48-42 20-25 9. 42-48
A1c. 3. … 10-15 4. 08-02 11-17 5. 02-24 17-22 6. 24-38 22-28 7. 38-47 28-32 8. 47-42
A1d. 6. … 11-17 7. 24-38 17-22 8. 38-15 (ook 38-16 wint) 8. … 22-27 9. 15-04 27-32 10. 04-15 32-37 11. 15-10

A2. 3. … 05-10 4. 07-01 10-14 5. 01-23 14-20 6. 23-29 20-25 7. 29-34 16-21 8. 34-43 21-26 9. 43-48
A3. 4. … 05-10 5. 01-23 10-15 6. 23-32 21-26 7. 32-37 15-20 8. 37-42 20-25 9. 42-48

B. 1. 23-18 05-10 2. 18-12 10-14 3. 12-08 14-19B1;2 4. 08-03 19-23B3;4 5. 03-17 23-29 6. 17-39

B1. 3. … 06-11 4. 08-03 14-19 5. 03-08 19-23 6. 08-24 23-28 7. 24-38 11-17 8. 38-49 28-33 9. 49-43 17-22 10. 43-16 33-39 11. 16-11 22-27 12. 11x50 27-32 13. 50-33 32-37 14. 33-47
B2. 3. … 14-20 4. 08-02 (ook 08-03 wint) 4. … 20-25 5. 02-35 (ook andere zetten winnen) 5. … 06-11 6. 35-44 11-16 7. 44-49 25-30 8. 49-43 30-35 9. 43-49 16-21 10. 49x16 35-40 11. 16-11 40-45 12. 11-50
B3. 4. … 06-11 5. 03-08 19-23 6. 08-24 11-17 7. 24-38 23-28 8. 38-49 28-33 9. 49-43 17-22 10. 43-16 33-39 11. 16-11 22-27 12. 11x50 27-32 13. 50-33 32-37 14. 33-47
B4. 4. … 19-24 5. 03-17 24-30 6. 17-50 30-35 7. 50-44 06-11 8. 44x06 35-40 9. 06-39 40-45 10. 39-50

   
pro 03

3A
pro 03a
03.
1ste publicatie La Hève 18.09.1886, nr. 752
Zie ook brief 22.05.1889. Van Vught herhaalt de stand in brief 27.05.1894; ook in brief 20.08.1894 en nogmaals 17.12.1894 maar schijf 23 staat dan op 19 en is de winst veel eenvoudiger te realiseren. Bijv. 1. 03-17 30-35 2. 19-14 35-40 3. 17-50 16-21 4. 14-10 21-27 5. 10-05.. schijf op 19 lijkt een verschrijving.
In deze laatste brief dicht Van Vught :
De winst ligt niet erg in ’t gezicht
Maar met ’t einde komt ’t aan de dag
Wat in de Speculant verborgen lag.
2e publicatie The Leeds Mercury 01.10.1886, nr. 155
3e publicatie Brief 22.05.1889 De Speculant
4e publicatie Zijper Courant 16.06.1889, nr. 32 De Speculant
5e publicatie Brief
6e publicatie Brief 17.12.1894 De Speculant
Oplossing:
1. 03-17 30-35 2. 23-18 35-40 3. 17-33 16-21 4. 18-12 21-27 5. 12-07 27-32 6. 07-01 32-37 7. 29-23 37-41 8. 33-28
1. 03-17 30-35 2. 23-18 35-40 3. 17-33 16-21 4. 18-12 21-27 5. 12-07 40-45 6. 07-01 27-32 7. 01-06 32-37 8. 33-47 45-50 9. 29-23
1. 03-17 30-35 2. 23-18 35-40 3. 17-33 16-21 4. 18-12 21-27 5. 12-07 27-31 6. 07-01 40-44 7. 33x50 31-37 8. 50-33 37-41 9. 29-23 41-46 10. 33-28
Ook wint: 1. 03-17 30-35 2. 23-19 35-40 3. 17-33 16-21 4. 19-14 21-27 5. 14-10 27-32 6. 10-05 32-38 7. 33x47 40-44 8. 29-23

Stand 3A wint via: 1. 09-04 06-11 2. 04-22 11-16 3. 23-18 35-40 4. 22-33 40-45 5. 18-12 45-50 6. 33-06 16-21 7. 12-07 21-27 8. 07-01 27-31 9. 01-12 50-44 10. 06x50 31-37 11. 50-33 37-41 12. 29-23
Deze stand is het manuscript binnengesloten, maar de bron is niet meer gevonden.
   
pro 04 04.
1ste publicatie La Gazette du Jeu de Dames 00.01.1887, nr. 142 Le Politique
2e publicatie Zijper Courant 20.05.1888, nr. 25 De Politiek
3e publicatie Wereldkroniek 11.08.1894, nr. 19 De Politiek.
Zie ook brief van 23.07.1894
Oplossing:
1. 27-22 16x29 2. 19-13 24x35 3. 44-39 35x33 4. 26-21 29x40 5. 21-17 12x21 6. 31-27 21x32 7. 22-17 11x22 8. 18x29 09x18 9. 23x01 40x18 10. 01x45
   
pro 05 05.
1ste publicatie La Gazette du Jeu de Dames 00.01.1887, nr. 148 L’Appât (Het Lokaas)
2e publicatie Zijper Courant 24.02.1889, nr. 28 De Lokker
Oplossing:
1. 27-22 18x36 2. 29-24 16x49 3. 35-30 49x35 4. 37-32 12x40 5. 32-21 26x17 6. 19-13 09x18 7. 28-22 03x28 8. 22x02 35x13 9. 02x17
   
pro 06 06.
1ste publicatie La Gazette du Jeu de Dames 00.08.1887, nr. 202
Oplossing :
1. 29-23 38x13 2. 12-07 16x02 3. 18-12 13x36 4. 12-07 02x44 5. 40x27 36x40 6. 45x34 48x30 7. 35x15 09x20 8. 15x47
Een b.o. 1. 29-23 38x13 2. 31-27 32x21 3. 12-07 21x01 4. 22-17 13x44 5. 40x47 48x30 6. 25x04 20x09 7. 04x02 03x21 8. 26x17
   
pro 07 07.
1ste publicatie La Gazette du Jeu de Dames 00.09.1887, nr. 205
2e publicatie Zijper Courant 25.06.1888, nr. 26
3e publicatie De Damspeler 1907 Nr. 30, blz. 265 De Komiek
Oplossing:
1. 27-22 16x18 2. 26-21 17x26 3. 30-24 19x30 4. 29-23 18x38 5. 37-32 26x46 6. 32x05 46x23 7. 05x50
   
pro 08 08.
1ste publicatie La Gazette du Jeu de Dames 00.12.1888, nr. 360
2e publicatie Zijper Courant 21.04.1889, nr. 30 De Muizenval
3e publicatie De damspeler 1907 Nr. 8, blz. 259 De Muizenval
Oplossing:
1. 29-23 24x15 2. 23-19 13x24 3. 12-08 02x13 4. 27-21 26x17 5. 25-20
   
pro 09 09.
1ste publicatie Zijper Courant 24.03.1889, nr. 29
Oplossing:
1. 25-20 14x25 2. 30-24 19x30 3. 29-24 30x19 4. 26-21 17x26 5. 38-32 11x50 6. 41-36 25x48 7. 27-21 26x17 8. 32-28 50x22 9. 31-26 48x31 10. 26x07 02x11 11. 36x09
   
pro 10

10A
pro 10a
10.
1ste publicatie Brief 22.05.1889 Bezint eer men begint
2e publicatie Wereldkroniek 06.10.1894, nr. 27
3e publicatie De Amsterdammer 12.08.1906
Broekkamp heeft de dam op veld 30 naar veld 25 verplaatst
4e publicatie De Damspeler 1907 Nr. 2, blz. 287 Dam staat op veld 25
Oplossing:
1. 30-34 40x29 2. 47-41 28-33 3. 41-36 33-39 4. 36-18 29-34 5. 18x40 39-43 6. 42-38 43x32 7. 40-29 32-37 8. 29-47
   
pro 11 11.
1ste publicatie Brief 30.06.1889 Qui perde gagne
2e publicatie De Amsterdammer 16.09.1906 Qui perde gagne
De Amsterdammer:
Parti de qui perd gagne (Die verliest – wint), van E.J.B. van Vught
Zwart moet bij de zevenden zet, 18 schijven en 1 dam in één slag slaan. Hoe kan dat?
Antwoord:
1. 23-18 30-35 2. 34-29 35-40 3. 50-44 40-45 4. 49-43 45-50 5. 25-34 50-45 6. 44-40 45-50 7. 34-30 nu slaat zwart 50 en blijft staan op 6, alle stukken in één slag slaande!!
Sterk verwant aan nr. 01, waarin alleen de eindslag is vastgelegd en de dam als winnaar tevoorschijn komt.
   
pro 12 12.
1ste publicatie Zijper Courant 17.11.1889, nr. 34
Oplossing:
1. 32-27 21x23 2. 34-29 23x45 3. 25-20 10x19 4. 30-25 19x30 5. 25x34 15x24 6. 47-41 36x47 7. 44-40 47x29 8. 34x03 45x34 9. 03x16
   
pro 13 13.
1ste publicatie Zijper Courant 15.12.1889, nr. 35
Oplossing:
1. 37-31 15x24 2. 48-43 28x46 3. 43x32 46x28 4. 09-20 04x18 5. 47-42 24x15 6. 42-38 33x42 7. 31-27 22x31 8. 03-14 05x19 9. 50-44 28x50 10. 49-44 50x30 11. 35x02 45x34 12. 25-20 15x24 13. 02x03 (met scherp naspel).
   
pro 14

14A
pro 14a
14.
1ste publicatie Zijper Courant 05.01.1890, nr. 36 De Promenade.
Zie brief van 20.08.1894 / schijf 14 is vervangen door een dam.
Oplossing:
1. 34-29 19x10 2. 48-43 27x35 3. 23-19 35x13 4. 42-31 13x47 5. 20-14 10x19 6. 29-24 47x20 7. 15x02 17x44 8. 02x07
   
pro 15 15.
1ste publicatie Zijper Courant 02.02.1890, nr. 37
Oplossing:
1. 23-19 16x27 2. 29-23 18x29 3. 20-15 29x20 4. 25x14 13x24 5. 26-21 27x16 6. 33-29 24x31 7. 36x07 01x10 8. 15x04 06x44 9. 50x39
   
pro 16 16.
1ste publicatie Zijper Courant 02.03.1890, nr. 38
Oplossing:
1. 06-22 24x36 2. 22-27 36x22 3. 34-30 19x35 4. 40-29 23x34 5. 25-20 15x24 6. 44-40 35x44 7. 50x37 05x41 8. 46x37
   
pro 17 17.
1ste publicatie Zijper Courant 23.03.1890, nr. 39
Oplossing:
1. 46-41 36x47 2. 50-44 39x50 3. 29-24 50x11 4. 48-43 38x49 5. 31-26 47x20 6. 12-08 02x13 7. 21-16 49x21 8. 16x07 01x12 9. 26x10 15x04 10. 25x03
   
pro 18 18.
1ste publicatie Zijper Courant 20.04.1890, nr. 40
Oplossing:
1. 35-30 18x27 2. 29-24 45x39 3. 38-33 20x38 4. 30-24 19x30 5. 25x01
   
pro 19 19.
1ste publicatie Zijper Courant 18.05.1890, nr. 41
Oplossing:
1. 24-20 14x25 2. 34-29 25x50 3. 38-33 50x28 4. 19-13 28x08 5. 21-17 12x21 6. 48-43 07x48 7. 31-26 48x31 8. 36x07 01x37 9. 46x05
   
pro 20 20.
1ste publicatie Revue des Jeux 23.05.1890, nr. 34
2e publicatie Wereldkroniek 06.10.1894, nr. 27
Oplossing:
1. 39-34 40x29 2. 47-41 29-34 3. 41x19 34-39 4. 19-35 39-43 5. 42-38 43x32 6. 35-24 32-37 7. 24-47
B.O. 1. 39-34 40x29 1. 47-36
   
pro 21

21A
pro 21a

21B
pro 21b
21.
1ste publicatie Wereldkroniek 12.05.1894, nr. 6 De Rekenaar
C. Stams verving in de Wereldkroniek de dam op 23 door een schijf. Zie ook brief 30.04.1894.
2e publicatie De Damspeler 1907 nr. 21, blz. 263
Broekkamp vervangt de dam op 23 door een schijf op 24 en neemt de zwarte schijf 9 van het bord.
Oplossing:
1. 23-19 14x23 2. 21-17 12x21 3. 33-29 23x43 4. 44-39 10x26 5. 39x48
Stand Broekkamp heeft als b.o.: 1. 24-20 14x25 2. 22-18 10x17 3. 44-40 12x23 4. 40x26
   
pro 22 22.
1ste publicatie Brief 30.06.1889 De Pluimstrijker
Dit eindspel is verloren voor wit
   
pro 23 23.
1ste publicatie Zijper Courant 01.01.1888 Zonder auteurs- en probleemnaam
2e publicatie Brief 30.06.1889 De Heksluiter
3e publicatie De Damspeler Nr. 6, blz. 288 De Heksluiter
Oplossing:
1. 04-13 24-29 2. 22-17 21x12 3. 13-09 12-17 4. 09-03 17-22 5. 03-09 22-28 6. 09-14 28-33 7. 14-20 29-34 8. 20x38 34-40 9. 38-33 40-45 10. 33-50
   
pro 24 24.
1ste publicatie Brief 30.04.1894 De Crisis
2e publicatie Zondagsblad Wielersport 22.09.1895, nr. 26 (zonder naam)
Oplossing:
1. 26-21 17x26 2. 35-30 24x35 3. 37-31 26x46 4. 49-44 28x37 5. 48-42 37x48 6. 34-30 35x24 7. 44-40 45x34 8. 39x17 48x11 9. 16x09 14x03 10. 25x05 15x42 11. 47x38
   
pro 25 25.
1ste publicatie Brief 27.05.1894 De Slimmerd
2e publicatie De Damspeler 1907 Nr. 12, blz. 260 (zonder naam)
De Damspeler 1907 Nr. 19, blz. 291 (zonder naam)
Oplossing:
1. 19-14 37x10 2. 09-04 10-15 3. 29-24 05-10 4. 04-09 10-14 5. 09-03 14x25 6. 03-26 15x21 7. 26x08
   
pro 26 26.
1ste publicatie Brief 27.05.1894 De Grappemaker
Zie ook brief van 23.07.1894
Oplossing:
1. 40-34 31x48 2. 47-42 48x46 3. 34-29 23x34 4. 33-28 46x23 5. 43-38 34x32 6. 25-20 14x34 7. 44-39 34x43 8. 49x29
   
pro 27 27.
1ste publicatie Brief 02.07.1894
2e publicatie Brief 28.11.1894
Oplossing:
1. 42-38 24-30 2. 41-36 30-35 3. 44-50 35-40 4. 38-32 34-39A 5. 50x14 40-44 6. 32-27 44-49 7. 14-32 49-35 8. 32-19 35x31 9. 36x27
A. 4. … 40-45 5. 32-27 34-40 6. 50-06 19-24 7. 06-50 24-30 8. 50-06 30-34 9. 06-50 40-44 10. 50x25 45-50 11. 25-39 50x31 12. 36x27
   
pro 28 28.
1ste publicatie Brief 02.07.1894 De Verleider
In de cijferstand ontbreekt de schijf op 37.
Oplossing:
1. 36-31 23x34 2. 43-39 34x43 3. 33-29 24x42 4. 37x39 26x28 5. 49-44 17x26 6. 39-34 30x39 7. 44x02
   
pro 29 29.
1ste publicatie Brief 02.07.1894 Duitsland-Frankrijk
Oplossing:
1. 21-17 12x21 2. 44-39 33x35 3. 42-37 06x17 4. 37-32 10x37 5. 41x32 05x41 6. 46x07 02x11 7. 24-19 15x42 8. 47x27 04x31 9. 36x27
   
pro 30 30.
1ste publicatie Brief 02.07.1894 De Studioos
2e publicatie Brief 06.08.1894 De Studioos
De oplossing van Van Vught is niet overgeleverd, maar het schema is als volgt: 1. 47-41 04-10 2. 41-36 10-15 3. 36-41 15-20 4. 41-19 20-25 5. 19-13. Volgens van Vught is het remise.
   
pro 31 31.
1ste publicatie La Tribune 01.10.1901, nr. 10
met de vermelding: “Composé en Septembre 1900 et dans 85e année.
Oplossing:
1. 30-43 03-09 2. 43-34 09-14 3. 34-48 14-19 4. 48-25 19-23 5. 25-03 23-29 6. 15-10 05x14 7. 03x20 29-34 8. 20x38 34-40 9. 38-33 40-45 10. 33-50
Variant: 1. 30-43 03-09 2. 43-34 33-38 3. 34-48 09-14 4. 15-10 14-19 5. 10-04 19-24 6. 04-15
Variant: 1. 30-43 03-08 2. 43-25 05-10 3. 15x04 33-38 4. 25-03
   
pro 32 32.
1ste publicatie De Amsterdammer 14.05.1905
2e publicatie De Damspeler 1907 Nr. 21, blz. 301 De Molen
Deze stand is echter identiek aan de stand uit het Dam-Collegie van Van Emden d.d. 14.12.1802!
Oplossing:
1. 32-27 21x32 2. 43-38 32x43 3. 42-38 43x32 4. 26-21 17x26 5. 14-09 03x14 6. 34-30 25x34 7. 37-48 26x37 8. 48x48
B.O.: 1. 43-39 06x26 2. 39x17 12x21 3. 24-19 10x30 4. 25x34 15x38 5. 42x33 21-27 6. 41-37 05x41 7. 46x16
   
pro 33 33.
1ste publicatie De Amsterdammer 23.09.1906
Volgens Broekkamp is dit probleem door Van Vught op 85-jarige leeftijd in september 1900 gemaakt.
2e publicatie De Damspeler 1907 Nr. 12, blz. 289
Aanpassing van stand 31, met inleiding: 1. 27-33 43x34 2. 30-43 .. zie verder 31
   
pro 34 34.
1ste publicatie De Amsterdammer 24.03.1907 De Speculant
zie nr. 03 maar schijf 9 staat op 14 en schijf 35 op 30. Aanpassing door Broekkamp? Hij draagt dit probleem op
aan F. Bouillon, Marseille.
Oplossing:
1. 14-09 30-35 2. 09-04 06-11 3. 04-22 11-16 4. 23-18 16-21 5. 18-12 35-40 6. 22-33 21-27 7. 12-07 27-31 8. 07-01 31-37 9. 29-23 37-41 10. 33-28 40-45 11. 28x46 45-50 12. 01-06
   
pro 35 35.
1ste publicatie De Damspeler 1907 Nr. 21, blz. 256
Oplossing:
1. 48-42 37x48 2. 39-33 48x09 3. 33x04
   
pro 36 36.
1ste publicatie De Damspeler 1907 Nr. 23, blz. 263
Oplossing:
1. 43-39 30x19 2. 28-23 19x28 3. 26-21 16x18 4. 33x04
   
pro 37 37.
1ste publicatie De Damspeler 1907 Nr. 24, blz. 263
Oplossing:
1. 30-25 20x47 2. 25-20 47x15 3. 32-28 23x32 4. 41-37 32x41 5. 36x47 03-08 6. 43-38 15x42 7. 47x38
   
pro 38 38.
1ste publicatie De Damspeler 1907 Nr. 29, blz. 265
Oplossing:
1. 21-17 12x21 2. 28-22 18x38 3. 46-41 07x49 4. 41-36 38x29 5. 36x27 21x32 6. 48-43 49x38 7. 42x04
   
pro 39 39.
1ste publicatie: De Damspeler 1907 Nr. 06, blz. 297 Fijne Beschuiten.
In de diagramstand staat in plaats van een zwarte dam een witte dam op veld 14.
Oplossing:
1. 18-12 07x18 2. 25-20 14x25 3. 29-24 30x19 4. 26-21 17x26 5. 47-41 06x50 6. 41-36 25x48 7. 27-21 26x17 8. 32-28 50x22 9. 31-26 48x31 10. 26x07 02x11 11. 36x09 10-14 12. 09x20 11-17 13. 20-14 17-22 14. 14-10 22-28 15. 10-05 28-33 16. 05-32 33-39 17. 32-49
   

Qui perd gagne
bron ‘De Damspeler’, C.H. Broekkamp, 1907, blz. 304 t.m. 308:

Het damspel leent zich tot aardige bijzonderheden op damgebied. Zoo hebben enkele auteurs zich toegelegd op het vervaardigen van partijen, waarin de verliezer wint. Zij namen 20 witte schjven en plaatsen die op de ruiten 31 tot en me 50, en stelden daar tegenover een zwarte schijf op de lijn 1-5. Nu moest wit zijn twintig schijven kunnen afgeven, zonder dat zwart bij machte was zijn schijf te offeren. Deze studie is zeer aardig en voor tijdverdrijf wel aan te bevelen.
De auteur “Van Vught” heeft ons veertien verschillende partijen nagelaten, waarin de twintig witte schijven afgegeven worden, zonder dat zwart gelegenheid vindt zijn schijf te offeren. Wij zullen enkele dezer partijen plaatsen, daar de plaatsruimte niet toelaat, alles wat op dit gebied is verschenen, in dit boek op te nemen.
Vooraf dient gezegd, dat deze meester bij het vervaardigen, de bepaling vooropstelde, dat bij den aanvang van de partij, aan zwart de keuze werd gelaten, met welk offer hij in de tric-trac 45-50 wenschte opgesloten te worden, hetzij met vier, vijf of meer schijven verlies. Was dit doel bereikt, dan bracht hij zijn overige witte schijven op die velden, waar hij dit nodig achtte, om daarna door het zwarte stuk alles achter elkander te kunnen laten slaan. Wij zulen dit met de volgende partijen nader aantoonen.

Partij N°.1. Van E.J.B. van Vught
Na het afgeven van drie schijven, dwingt wit de zwarte schijf, dam te halen op 50, waar hij in de tric-trac blijft opgesloten tot dat wit zijn spel heeft los gemaakt, om hierna de schijven achter elkander af te geven (de zwarte schijf wordt geplaatst op 5).

1. 34-30 05-10 2. 40-34 10-14 3. 34-29 14-19 4. 29-24 19-23 5. 24-19 23x14 6. 45-40 14-19 7. 30-25 19-23 8. 33-28 23-29 9. 40-34 29x40 10. 35-30 40-45 11. 44-40 45x34 12. 38-33 34-40 13. 50-44 40-45 14. 39-34 45-50 15. 43-39 50-45 16. 44-40 45-50 17. 49-44 50-45 18. 42-38 45-50 19. 32-27 50-45 20. 28-22 45-50 21. 25-20 50-45 22. 34-29 45x16 23. 31-27 16x15 24. 29-24 15x04 25. 36-31 04x36 26. 47-42 36x38 27. 48-42 38x47 28. 46-41 47x36
 

qui 01   Stand na den 17en zet van wit.


Partij N°.2. Van E.J.B. van Vught
Na het afgeven van vier schijven, wordt zwart gedwongen dam te halen op 50, met hetzelfde gevolg, als bij partij N°.1 is verklaard.

1. 34-30 05-10 2. 40-34 10-14 3. 34-29 14-19 4. 29-24 19-23 5. 24-19 23x14 6. 45-40 14-19 7. 30-25 19-24 8. 25-20 24x15 9. 35-30 15-20 10. 30-25 20-24 11. 25-20 24x15 12. 4034 15-20 13. 31-27 20-24 14. 34-29 24-30 15. 29-24 30x19 16. 36-31 19-23 17. 33-28 23-29 18. 39-33 29-34 19. 44-39 34-40 20. 50-44 40-45 21. 39-34 45-50 22. 43-39 50-45 23. 44-40 45-50 24. 49-44 50-45 25. 27-22 45-50 26. 34-30 50-45 27. 33-29 45x36 28. 28-22 36x49 29. 38-33 49x27 30. 42-38 27x34 31. 48-43 34x31 32. 41-37 31x29 33. 47-42 29x47 34. 46-41 47x36!
 

qui 02   Stand na den 24en zet van wit.


Partij N°.3. Van E.J.B. van Vught
Na het afgeven van vier schijven, wordt zwart gedwongen dam te halen op 50, met hetzelfde gevolg, als bij partij N°.1 is verklaard.

1. 34-30 05-10 2. 40-34 10-14 3. 34-29 14-20 4. 30-24 20-25 5. 24-20 25x14 6. 35-30 14-20 7. 30-24 20-25 8. 24-20 25x14 9. 45-40 14-20 10. 29-23 20-24 11. 23-19 24x13 12. 31-26 13-19 13. 36-31 19-24 14. 33-28 24-30 15. 40-34 30-35 16. 34-30 35x24 17. 26-21 24-30 18. 39-33 30-35 19. 44-39 35-40 20. 50-44 40-45 21. 39-34 45.50 22. 43-39 50-45 23. 44-40 45-50 24. 49-44 50.45 25. 28-22 45-50 26. 22-17 50-45 27. 32-28 45-50 28. 2822 50-45 29. 37-32 45-50 30. 32-28 50-45 31. 28-23 45-50 32. 23-19 50-45 33. 41-37 45-50 34. 37-32 50-45 35. 4641 45-50 36. 41-37 50-45 37. 47-41 45-50 38. 33-29 50-45 39. 38-33 45-50 40. 48-43 50-45 41. 34-30 45x16 42. 39-34 16x35
 

qui 03   Stand na den 24en zet van wit.


Partij N°.4. Van E.J.B. van Vught
Na het afgeven van vijf schijven, wordt zwart gedwongen dam te halen op 50, waardoor wit de gelegenheid vindt zijn spel zoodanig te regelen, dat alle schijven in één slag kunnen afgegeven worden.

1. 34-30 05-10 2. 40-34 10-14 3. 34-29 14-20 4. 30-24 20-25 5. 24-20 25x14 6. 35-30 14-20 7. 30-24 20-25 8. 24-20 25x14 9. 45-40 14-20 10. 29-23 20-24 11. 23-19 24x13 12. 31-26 13-18 13. 40-35 18-22 14. 32-28 22-27 15. 28-22 27x18 16. 37-32 18-23 17. 33-28 23029 18. 39-33 29-34 19. 35-30 34x25 20. 26-21 25-30 21. 21-17 30-34 22. 44-39 34-40 23. 50-44 40-45 24. 39-34 45-50 25. 43-39 50-45 26. 44-40 45-50 27. 49-44 50-45 28. 17-12 45-50 29. 28-23 50-45 30. 23-19 45-50 31. 19-14 50-45 32. 14-10 45-50 33. 33-29 50-45 34. 29-24 45-50 35. 24-20 50-45 36. 32-28 45-50 37. 28-23 50-45 38. 23-19 45-50 39. 191-3 50-45 40. 13-09 45-50 41. 38-33 50-45 42. 33-29 45-50 43. 29-23 50-45 44. 23-19 45-50 45. 36-31 50-45 46. 31-27 45-50 47. 27-22 50-45 48. 22-17 45-50 49. 17-11 50-45 50. 41-37 45-50 51. 37-32 50-45 52. 32-27 45-50 53. 27-21 50-45 54. 42-38 45-50 55. 38-32 50-45 56. 46-41 45-50 57. 41-37 50-45 58. 37-31 45-50 59. 47-41 50-45 60. 48-42 45-50 61. 34-29 50-45 62. 39-33 45x50!
 

qui 04   Stand na den 27en zet van wit.