In de eerste jaargang van het tijdschrift ‘Het Damspel’[1] werd op papier gezet wat men zich kon herinneren van het damleven in de 19e eeuw. Met deze gegevens als uitgangspunt nam Rob Jansen eind jaren tachtig/begin negentig een aantal landelijke en regionale kranten door op zoek naar de genoemde damwedstrijden. In totaal bleken 15 plaatselijke toernooien, 4 regionale wedstrijden en 7 nationale damkampioenschappen aan de hand van deze informatie te achterhalen[2].

Door onderzoek in kranten, zowel ter plaatse in archieven als via internet, is het aantal toernooien in de loop der jaren gegroeid tot zo’n 230. Tijdens het onderzoek[3] kwamen onder andere de toernooien in Alkmaar1835[4] en 1836 aan het licht, welke beide in een overwinning voor de vermaarde Aris de Heer eindigden. In dit artikel ga ik in op de toernooien in Groningen, Drenthe, Gelderland, Noord- en Zuidholland en Noord-Brabant. De toernooien in de provincie Friesland[5] worden niet beschreven, maar gegevens worden wel benut voor vergelijkingen. 
Na de basisgegevens van Rob Jansen, hebben de boeken ‘Oer Alles’ van Hiele Walinga, ‘Dammen als cultureel erfgoed’ van Hans van der Nap en de bibliofiele uitgave ‘Damsport in de provincie Groningen (in de negentiende eeuw)’ van W.G. Doornbos als aanjagers gediend om door te zoeken.
Met dit artikel hoop ik een basis te leggen/bouwstenen aan te dragen voor nader onderzoek hetgeen, hopelijk, resulteert in een ‘definitieve’ studie over het damleven in Nederland in de 19e eeuw.

1.0 - Toernooispel in de 19e eeuw in vogelvlucht
Al vroeg kregen de damspelers de gelegenheid elkaar in een toernooi te bestrijden; het oudste ons bekende toernooi stamt uit 1798 en vond plaats in Akersloot, Noord-Holland.


Uit de vele aankondigingen en verslagen die in diverse kranten uit Noord-Holland, Zuid-Holland, Noord-Brabant, Groningen en Friesland en in mindere mate Drenthe en Gelderland te vinden zijn blijkt dat de dammers gedurende de gehele 19e eeuw het strijdperk betraden.